19 juli: allemaal schubjes!

Hoi! Omdat ik wil voorkomen dat mijn visserij saai wordt ben ik op zoek naar nieuwe stekken. Vismaat Mike doet mee. Waar een stek bij voorkeur aan moet voldoen? Allereerst moet er natuurlijk een redelijke kans zijn op een mooie karper. Verder heeft het voor korte doordeweekse avondjes de voorkeur dat een stek goed bereikbaar is. En we moeten er samen zinvol kunnen vissen. Een beetje ruimte is dus gewenst. Als SKP matcher moet ik tenslotte wegblijven van de stekken waarvandaan vissen gemeld worden, en dat beperkt me nogal.

De voorbereiding

Na wat piekeren en peinzen viel ineens het kwartje. Tot nu toe oriënteer ik me meestal op het westen, maar ik moet de andere kant op! Naar het oosten, richting Gooimeer! Een paar jaar geleden wist mijn neef Harm op het Gooimeer met zijn blote handen een karper uit het water te pakken. Dan moet daar goed te vissen zijn! Aangezien Mike in Muiderberg woont is die kant op voor hem ook handig. En dus fietsten we afgelopen maandag met een emmer voer langs de kust. Mike op zijn slim gekozen mountainbike. Ik op mijn lompe stadsfiets met 24 versnellingen waarvan maar 1 het goed doet. Diverse plekken bekeken we en uiteindelijk kozen we voor een stek waar de kans op vis het grootst is. Alles op basis van gezond verstand en een beetje gevoel. De eerste emmer voer ging te water.

Een dag later had ik mijn opblaasbootje meegenomen om te voeren. Eén meter 60 lang en binnen een minuut opgepompt. Waar ik echter geen rekening mee had gehouden was windkracht vier. Al roeiend tegen de wind in werd ik kletsnat. Continue spatten golven water over de boeg tegen mijn rug. De boot redelijk op koers houden viel ook niet mee. Toch lukte het me om het voer op de juiste plek over de golven te verspreiden.

Weer een dag later had ik het plan opgevat om vanaf Muiden met mijn kano richting het Gooimeer te varen. Dit plan strandde al in de haven van Muiden. Met windkracht vijf op de punt was hier met de lompe tweepersoons kano geen doorkomen aan. Ik keerde weer om. Toch maar weer vanaf de kant voeren dus. Dit keer met de lange voerschep. Opnieuw regende het voerdeeltjes over een groot oppervlak.

Op de fiets onderweg naar Muiderberg. Harde wind en regen boven het IJmeer.

Het visverslag

Afgelopen donderdag dan. Even na 6 uur ‘s avonds troffen Mike en ik elkaar aan de kust. Na wat puzzelen en zoeken naar een plek waar we niet alleen de hengels konden inwerpen, maar ook een vis konden landen hadden we zo rond kwart voor zeven allebei onze eerste hengel inliggen. Een paar minuten later waren deze al weer ingedraaid. De harde stroming en wind die dwars op onze lijnen stonden zorgden dat het aas niet bleef liggen. Wat zwaarder lood moest er aan. Rond 7 uur gingen onze aasjes voor de tweede keer te water en konden we onze andere hengels ombouwen.

Al voor Mike zijn tweede hengel had omgebouwd hing er aan de eerste een vis. Een snelle karper has het aas gepakt en schoot als een raket naar links richting de kant. Mikes beetverklikker schreeuwde het uit. Snel pakte Mike de hengel en hield deze zo ver mogelijk voor zich uit. De kust ligt hier vol met grote steenblokken als bescherming tegen het woeste water. De lijn mocht die stenen niet raken. Toch moet dit wel gebeurd zijn. De hengel schoot ineens recht. 

De grote stenen aan de kust

Een tweede aanbeet op Mike zijn hengel kwam al snel. Dit keer ging alles voortvarend. Mike hield de hengel hoog om de lijn zoveel mogelijk uit de buurt van stenen te houden. De vis bleef gelukkig ook uit de kant.  Na een paar minuten mocht ik scheppen. De eerste van een serie schubkarpers kon op de foto.

Met ons vorige gezamenlijke visavontuur in gedachten, waarbij Mike me met 5-0 afdroogde, begon ik hem na twee snelle aanbeten op zijn hengels al weer te knijpen. Gelukkig was de volgende aanbeet voor mij. Tot mijn grote ergernis schoot mijn schubkarper echter los. Nee!! Bij controleren van de haak zag ik meteen de kromme punt. Vast een resultaat van het door de stroming veroorzaakte gestuiter over de bodem. Snel een nieuwe onderlijn er aan!

Binnen een uurtje drie aanbeten op een nieuwe stek, dat kan slechter. Nu nog een paar vissen landen! Ook aanbeet nummer vier kwam op één van mijn hengels. Deze vis bleef gelukkig wel hangen. Een strak schubkarpertje mocht even op de foto. Opvallend was de afwezigheid van borstvinnen. In de header is de vis van beide kanten te zien. Ik heb het even nagevraagd bij de kenners. Volgens hen is dit waarschijnlijk een aangeboren afwijking. De vis leek er weinig hinder van te ondervinden.

Even later had ik zelfs een dubbelrun. Terwijl ik de eerste aanbeet probeerde te verzilveren knalde ook mijn andere hengel ervandoor. Mike drilde vakkundig de tweede vis uit op mijn hengel. Gelukkig bleven de vissen bij elkaar uit de buurt en ging alles van een leien dakje.

Opnieuw waren het schubkarpers die ons aas hadden gepakt. Mike was verbaasd over de snelle aanbeten, maar mij verbaasde het minder. De stek is prima, de harde wind die al dagen op deze stek blaast is ook perfect en ik heb drie keer zo’n 5 a 6 kilo kwalitatief goed voer erin gemikt. Als je het dan treft dan krijg je het druk.

Na ongeveer twee uren vissen al zes aanbeten. Dat was natuurlijk super. Op mijn hengels drie van de vier vissen vangen begint ook weer ergens op te lijken.

Ook in het laatste uur kwamen er nog drie aanbeten. Het wordt voorspelbaar. Zelfs op een nieuwe stek. Twee aanbeten waren voor mij. Helaas schoot een klein wild schubkarpertje weer los. Shit happens. Dat de vissen zo ontzettend snel en wild zijn speelt een rol. Zolang de grote jongens maar blijven hangen. Hieronder een foto van mijn laatste vangst.

Mike wist zijn aanbeet helaas niet te verzilveren. De vis knalde er onhoudbaar vandoor. Onder water moet de lijn weer iets geraakt hebben. Op zulk groot water en op flinke afstand kun je dit gewoon nooit helemaal uitsluiten. Zeker niet op nieuwe stekken. Als je ergens vaker vist weet je meestal op een gegeven moment wel waar je de vissen weg moet houden, maar een eerste keer op een stek is het nog even puzzelen.

Nawoord

Dat we de laatste weken zo veel schubkarpers vangen begint op te vallen. Dat er enorm veel karpers vanuit de Oostvaardersplassen in het Markermeer zijn gezet speelt vast een rol. Negentig ton vissen is in de afgelopen twee jaar overgezet omdat het waterpeil in de Oostvaardersplassen tijdelijk naar beneden moet. Dit wordt gedaan om de natuur in het Oostvaardersplassen gebied een reset te geven. Extra riet en slibvlaktes zouden goed zijn voor de natuur aldaar. Zo’n 20.000 extra karpers in het Markermeer echter beïnvloeden onze vangsten momenteel nogal. Leuk voor de runs, maar als je hoopt op nu en dan een grote vis of een mooie spiegel dan heeft het ook zijn nadelen.

Om die reden laten we deze stek voorlopig toch maar weer even met rust. We zoeken verder en gaan naar binnen. Achter de sluizen is de invloed van de schubkarpers vast minder. Mike en ik gaan dus de rivieren op. Of dat iets oplevert kun u eind van deze week lezen. Tot dan!

vorige bericht   volgende bericht

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.